Voorgaande blogs

2018: Van oud en nieuw …

2017 noemen we al 1 maand  het ‘oude’ jaar. Wij hebben met Amnesty International dit jaar afgesloten met de traditionele schrijfmarathon. Die overigens een groot succes was.
Wij hebben zelf de schrijfmarathon gehouden én begeleid in de bibliotheek in Hasselt. Dat wil zeggen: ik heb 2 dagen gedurende 6 uren bijna ononderbroken recht gestaan en mensen aangesproken. Want als je gewoon op een stoel achter je tafel gaat zitten, dan mag je het wel vergeten. Werken voor Amnesty is soms best uitputtend. Soms …

En toen bedacht ik het volgende. Ik ken eigenlijk veel mensen via allerlei organisaties die ik frequenteer. Sommigen zie ik elke week, al járen; anderen zie ik maandelijks. Allemaal goede kennissen (“vrienden” is nog wat anders). En met de slogan “ Als je met een brief schrijven het leven van een medemens kunt veranderen, dan doe je dat toch” in het achterhoofd, heb ik die mensen dus uitgenodigd om mee te schrijven. Ik dacht: dat wordt een makkie. Nee dus. Een absolute minderheid heeft daadwerkelijk geschreven. De meesten hebben niet geschreven, wat meer is: ze hebben het gewoon doodgezwegen; geen woord erover. Dat was effe slikken. Mijn geloof in de mensheid kreeg een ferme knauw. Dan denk je dat je mensen kent. Ho maar. Nope.

pexels-photo-220444

Maar er is ook een andere kant. Zoals al vaak gezegd en geschreven: de schrijfmarathon van december 2017 was een groot succes. Twee voorbeelden wil ik toch aanhalen. Een man schreef een brief (of meerdere, weet ik niet meer) in de bibliotheek en hij wilde er thuis nog wel schrijven. We hebben hem de brieven elektronisch verstuurd. En hij heeft effectief alle brieven geschreven; we zijn die bij hem thuis gaan halen.

Op onze 2de schrijfactie in de bib was er een vrouw die eveneens graag thuis wilde verder schrijven; ze zou de brieven naar mij opsturen. En ik heb inderdaad een envelop met alle brieven gekregen. Zoiets doet mijn geloof in de mensheid weer toenemen. En zo kwam er dus een soort evenwicht.

pexels-photo-209641

Intussen denken we al aan onze activiteiten van 2018. Er zullen vaste elementen terugkomen. Er zullen hopelijk ook wat nieuwe issues opduiken. Maar we zullen ons in elk geval weer inzetten voor de mensenrechten. Omdat dat nodig is. Omdat niet iedereen over de rechten beschikt die hij zou moeten hebben. Omdat er grove mensenrechtenschendingen gebeuren, overal ter wereld, maar in sommige landen meer dan in andere, tgo sommige volkeren meer dan tgo andere.
Je hoort dus nog van ons in 2018.

 

 

 

 

Juni 2017

Er zijn plaatsen op deze wereld waar mensenrechten minder worden gerespecteerd dan op andere plaatsen. Er zijn echter landen waar de mensenrechten haast compleet aan flarden worden geschoten. Dan denken we o.a. aan Syrië en Irak.

Scan0004

In de krant De Morgen stond een foto van 2 jongens, 11 en 12 jaar oud, die hun huis verloren in een bombardement bij de herovering van Mosoel op IS.
Zo zouden kinderen niet mógen kijken: angstig, bang, totaal ontredderd; de paniek staat in hun ogen, op hun gezicht. En in Syrië en Irak zijn helaas veel kinderen die harde, beangstigende, zelfs gruwelijke dingen meemaken. Gebeurtenissen die hen trauma’s bezorgen en die hen voor het leven tekenen.
Een kind heeft het recht om onbekommerd te leven, heeft recht op een warm gezin, op goed en degelijk onderwijs, heeft recht op veiligheid thuis en elders, heeft ten slotte het recht om zich in alle vrijheid te ontplooien. Dat kunnen deze jongens Zeid en Hodayfa niet. Net zo min als duizenden andere kinderen ter wereld.

de-kinderen-van-juf-kiet.20170301024341

En dan denk ik ook aan de film die ik onlangs zag, nl de docu “De kinderen van juf Kiet”. Als samenvatting kun je o.a. het volgende lezen: ”In het Brabantse Hapert heeft juf Kiet binnen de plaatselijke basisschool een klas samengesteld met kinderen van asielzoekers uit landen als Irak, Eritrea en Syrië. De kinderen zijn angstig, soms zelfs agressief en in ieder geval erg getraumatiseerd als ze bij juf Kiet in de klas komen. Maar de veilige, liefdevolle en inspirerende omgeving van het klaslokaal werkt helend. Deze vluchtelingen worden weer kinderen die graag spelen en leren: niet alleen woordjes en rekenen, maar ook hoe je samen problemen oplost en elkaars verschillende afkomsten en wereldbeschouwingen respecteert. In de klas van juf Kiet komt de hele wereld samen, letterlijk en figuurlijk”.

Natuurlijk kan er over deze film gediscussieerd worden, of de aanpak van juf Kiet inderdaad steeds de juiste is. Maar daar gaat het niet om. Het gaat wel over het feit dat in het klasje inderdaad kinderen zitten, die ook uit oorlogsgebied komen, die ook getraumatiseerd zijn. En gaandeweg worden het weer ‘normale’ kinderen, die grapjes uithalen, die spelen. Sommigen lukt het vrij goed, zoals de kleine leanne. Anderen daarentegen zijn zwaar getraumatiseerd en blijven stuurloos in het leven voortdobberen. Ik denk aan Jorj. Arme kwetsbare en gekwetste Jorj.
We zouden blij en fier moeten zijn dat wij in Nederland, in België en in andere Europese langen deze kinderen met hun ouders opvangen, dat we ze een veilig bestaan bieden zodat ze weer het juiste evenwicht en de nodige harmonie kunnen vinden in hun leven.
Mensen vluchten uit hun land omdat hun leven niet meer veilig is, omdat ze geen bestaan kunnen opbouwen noch voor zichzelf noch voor hun eventuele kinderen. Niemand vlucht zomaar. Ik hoop dat wij blijven investeren in kinderen, ook in kinderen van ‘ver weg’, want elk kind heeft recht op een veilige thuishaven.

Hoe zou het nu zijn met Zeid en Hodayfa?
Hoe zou het intussen zijn met Jorj?
En met de duizenden andere kinderen …

de-kinderen-van-juf-kiet.20170301024341 (2)

Prettige vakantie!

Ella

amnesty tijdelijk

20 mei 2017: Belgian pride in Brussel

Die zaterdag was ik in Brussel om naar de overzichtstentoonstelling van Rik Wouters te gaan kijken. Deze schilder hoort tot mijn favorieten. Zijn werk gutst van de kleuren; bovendien spat de vreugde uit zijn doeken. Het was een schitterende tentoonstelling: je kreeg de kleuren haast niet meer uit je ogen gewreven. En buiten in de straten van Brussel kwam ik weer allerlei kleuren tegen. Kleuren van de regenboog. Er was ontzettend veel volk, mensen van allerlei pluimage. Soms ook wel vreemde vogels … Het was namelijk de Belgian pride of gay pride. Omdat ik toch in Brussel was, ben ik een tijd blijven kijken naar deze optocht.

De extravagante figuren halen meestal de pers. Maar het overgrote deel van de deelnemers zijn gewone mensen, helemaal niet zo opvallend of buitenissig. Er zijn luidruchtige maar ook stille, zelfs wat timide mensen bij. Er zijn heel jonge maar ook wat oudere. Mannen en vrouwen, meisjes en jongens. Ik vraag me vaak af waarom mensen die een bepaalde seksuele oriëntatie hebben hierom gepest, uitgestoten, vernederd, aangevallen, ja zelfs gedood worden. Niemand is/wordt verplicht om de LGBTQI-gemeenschap graag te zien. Dat men die mensen niet moet, ja, dat is dan maar zo. Maar de afkeer omzetten in agressief gedrag van allerlei omvang, nee, dat is totaal onaanvaardbaar, dat kan niet.

amnesty tijdelijk2

Wij hebben in België gelukkig een wet die elke vorm van discriminatie verbiedt. Voor wat dat waard is natuurlijk. Maar met een wet verander je de geesten van de mensen niet. Helaas. Voor ons, Amnestyleden, hebben alle mensen gelijke rechten. In de realiteit beschikken heel veel groepen of individuen echter niét over de rechten waar ze recht op hebben.
Laat mensen zijn wie ze zijn. Mijn motto is: alles kan zolang het met volledige wederzijdse toestemming gebeurt. Er zijn, schijnt het, wel 50 tinten grijs. Ik verkies kleuren, zoveel mogelijk kleuren.

Ella

 

 

 

5 april 2017: Vrije meningsuiting in België !?

Unia–juriste Rachida Lamrabet spreekt zich openlijk uit tegen het boerkaverbod. Sommige politici schreeuwen moord en brand. In de pers zijn de meningen wel verdeeld, maar journalisten zijn het in hoofdzaak oneens met haar: het boerkaverbod is prima, het is nodig, het is een bescherming van onze democratische rechten. Intussen is Rachida Lamrabet bij Unia ontslagen. De precieze oorzaak wordt niet genoemd, maar dat het o.m. iets te maken heeft met haar standpunt is duidelijk.

Als je het over het al dan niet verbieden van een boerka hebt, kun je verschillende argumenten naar voor brengen. Het dragen van een boerka is een individuele daad, een persoonlijke keuze. Die keuze kan en mag je niet beknotten. Als je het dragen van de boerka in het openbaar verbiedt, dan zorg je ervoor dat sommige vrouwen niet meer buiten kunnen komen. En dat strookt niet met het recht van elk individu om zich vrij te verplaatsen.

Anderzijds is het zo dat van elk individu mag verwacht worden dat hij/zij duidelijk herkenbaar is als hij zich in het openbaar vertoont. Bovendien zijn kledingvoorschriften niet absoluut. De deur openzetten voor uitzonderingen leidt tot chaos. Beide opvattingen bestaan en houden een kern van waarheid  in zich. Waarom reageert men dan zo verbolgen wanneer Lamrabet opkomt voor het recht op het dragen van een boerka?

In België bestaat een wet die het dragen van gezichtsbedekkende kledij verbiedt, in de volksmond ook wel “boerkaverbod”genoemd – al is die benaming dus niet juist. De wet bepaalt immers dat men in openbare plaatsen het gezicht niet geheel of gedeeltelijk mag verbergen zodat identificatie onmogelijk zou zijn – en dat geldt dus niet alleen voor boerka’s.

De polemiek rondom deze wet betreft toch vooral de boerka en de niqab. Het standpunt van Amnesty International, zowel internationaal als nationaal [Amnesty Vlaanderen], is duidelijk: de wetgeving die gezichtssluiers verbiedt is discriminerend en dus onjuist. Het lijkt ons vanzelfsprekend dat Amnesty als beweging dit standpunt inneemt, omdat ze anders tegen haar eigen principes zou ingaan.

De wet vraagt dat mensen in het openbaar herkenbaar zouden zijn.  Uiteraard kan een vrouw haar sluier oplichten om zich te identificeren; bij een boerka lijkt ons dat al wat moeilijker. In een seculiere staat heeft een wet echter nog altijd voorrang op religieuze voorschriften. Het meest gebruikte tegenargument is dat de wet contraproductief is en er alleen maar voor zou zorgen dat vrouwen die een niqab of boerka dragen, niet meer zouden kunnen buitenkomen en zo geïsoleerd geraken. Nu lijkt ons het dragen van gezichtsbedekkende kledij net een vorm van zelfgekozen isolatie; deze vrouwen trekken ahw een soort muur op tussen zichzelf en de buitenwereld, gaan de open confrontatie uit de weg en kiezen allesbehalve voor communicatie. Met de gezichtssluier distantiëren zij zich van de maatschappij en kiezen ze bewust voor isolatie ipv integratie. Zij plaatsen zichzelf in de marge.

Iedereen mag z’n godsdienst belijden, elke godsdienst heeft recht of een gebouw waar dat gemeenschappelijk kan gebeuren. Laat vrouwen een hoofddoek dragen, laat ze zich volledig in het zwart hullen, maar …  Er wordt van nieuwe burgers gevraagd dat ze zich in onze maatschappij integreren. Mogen we dan ook een kleine stap in die richting vragen, indien dat nodig is?  Gaat het in het leven niet vaak over geven en nemen?

Als besluit willen we het volgende stellen. Op zich mag een persoon kiezen hoe hij/zij rondloopt, dat is geen probleem. Helaas zijn er wetten die deze keuze, deze ‘vrijheid’ beperken. Ik mag niet bloot rondlopen in openbare plaatsen. Ik mag evenmin volledig bedekt rondlopen.  Wat volgens mij wel vaststaat is dat in een land dat zich democratisch noemt zowel een pro- als contra-argument moet kunnen geuit worden. Helaas is dat niet echt zo: iemand die het ‘boerkaverbod’ verdedigt zal op weinig of geen tegenstand botsen; wie het tegengestelde standpunt verdedigt, krijgt het veel moeilijker, wordt soms zelfs belaagd en aangevallen. Over het ontslag van Lamrabet spreek ik me, zoals reeds aangehaald, niet uit omdat ik niet over alle gegevens beschik.

Punkkapsel of kaal, minirok of mantelpakje, in ’t zwart, paars of desnoods met bolletjes en streepjes, klassiek of trendy, met een decolleté of zedig van kop tot teen ingepakt. Maakt allemaal niet uit, alles moet kunnen. Dat maakt het leven juist boeiend, kleurrijk en fascinerend.  De vrije meningsuiting kent vele toonaarden. Beluister ze! De vrijheid heeft vele gezichten. Toon ze!

- Ella Bormans

22 maart 2017: Sta even stil.

Gisteren, 21 maart, was de Internationale Dag tegen Racisme en Discriminatie. Vandaag, 22 maart, herdenken we de aanslagen op de luchthaven van Zaventem en in metrostation Maalbeek van 1 jaar geleden.

Je kunt je de vraag stellen: is een speciale dag tegen racisme en discriminatie nog écht nodig? Helaas is het antwoord ‘ja’. Ook hier in België. We lezen regelmatig over allerlei vormen van discriminatie ivm met onderwijs, tewerkstelling, huisvesting, e.d. Bovendien is het tegenwoordig precies een nationale sport van politici om de ene discriminerende quote of tweet na de andere de wereld in te sturen..

Maar niet alleen heel wat politici hebben een stevige ruk naar rechts gemaakt. Ook in de geesten van zoveel burgers heeft het discriminerende en racistische gedachtegoed zich genesteld. Een WhatsApp-groep van de Antwerpse politie schrijft de meest gore racistische en seksistische praat. Men noemt dit dan een “mentaliteitsprobleem”.

Ook in gewone gesprekken valt op dat de polarisatie nog stevig overeind staat. Vanuit enkele katholieke (!) scholen kwam de oproep of het misschien niet aan te raden was om het nieuwe schooljaar niet op vrijdag 1 september maar op maandag 4 september te laten beginnen, omdat het Offerfeest dit jaar op 1 september valt; op die manier zouden heel wat moslimkinderen de eerste schooldag missen, een dag die vooral in het teken staat van opvang, kennismaking, ontmoeting. In mijn kennissenkring hoorde ik op een boze en verontwaardigde toon de volgende opmerking: wij zouden ons dus moeten aanpassen aan hen! Zolang die polarisatie bestaat, komen we geen millimeter vooruit.

Het is niet “wij” en “hen”. Het is alleen maar “wij”. We wonen niet meer in het blanke katholieke Vlaanderen van onze grootouders. In ons land wonen allerlei mensen, met verschillende overtuigingen en religies. Alle erkende religies hebben hun rechten en plichten. Binnen de verschillende religies zijn er belangrijke feesten. Waarom zou de ene godsdienst dat wel mogen beleven en de andere niet? Laten we echter toch vooral niet vergeten dat heel veel mensen wél het hart op de juiste plaats hebben.

Exact een jaar geleden werden in Brussel 2 terroristische aanslagen gepleegd, met doden en gewonden als gevolg. Onder de slachtoffers waren Belgen en buitenlanders. Mensen met zwarte, bruine en blanke huidskleur.

Mensen verloren hun geliefde. Die mensen heten Mohamed of Kristin. Maakt dat iets uit? Nee. Mensen verloren hun kind. Dochter of zoon. Jood, christen, moslim, atheïst. Maakt dat iets uit? Nee.

Jonge meisjes, prachtige vrouwen verloren het leven of werden zwaar gewond. Sommigen droegen een hoofddoek, anderen niet. Maakt dat echt iets uit? Nee toch.

Of de aanslagen de polarisatie vergroot of verkleind hebben, doet nu even niet terzake. Belangrijk is dat we de juiste vragen stellen en de juiste conclusie trekken. Met ‘opkuisacties’ en gewapende militairen op straat alleen zullen we de oplossingen niet vinden. Trouwens, als gevolg van de antiterreurmaatregelen zijn er al heel wat democratische principes gesneuveld. Een aanslag op onze democratie wordt dus beantwoord door een afbraak van de democratie.

Er zijn verschillen tussen de mensen. Maar er zijn nog veel meer overeenkomsten. Op onze facebook staat een Deens filmpje over hokjesdenken. Zeer menselijk en dus de moeite waard. Dat is de essentie , daar komen wij voor op. Wij willen de overeenkomsten benadrukken. Alle mensen, zonder onderscheid, hebben dezelfde rechten. Die boodschap willen wij uitdragen.

Enkele dagen geleden vond ik heel toevallig de doodsbrieven van mijn ouders. Mijn moeder stierf in 1986, mijn vader in 1988. Mijn moeder was “Gewapend Weerstander Sluikpers”. Mijn vader was “Oorlogsvrijwilliger/Onderofficier – Weerstand”. Zij hebben tijdens de 2de wereldoorlog hun leven op het spel gezet om de democratie te verdedigen. En daar ben ik fier op. Mijn werk voor Amnesty International ligt in dezelfde lijn. En onze zoon is eveneens een absolute verdediger van de democratische beginselen.

Racisme, discriminatie, terreuraanslagen. Het begint soms in het klein, maar het kan uiteindelijk zware gevolgen hebben. Maar ook verzet hiertegen kan klein beginnen maar kan uiteindelijk uitgroeien tot iets groots. Ik laat graag de dichter Remco Campert aan het woord. Verzet begint niet met grote woorden maar met kleine daden

zoals storm met zacht geritsel in de tuin of de kat die de kolder in zijn kop krijgt

zoals brede rivieren met een kleine bron verscholen in het woud

zoals een vuurzee met dezelfde lucifer die een sigaret aansteekt

zoals liefde met een blik een aanraking iets dat je opvalt in een stem

jezelf een vraag stellen daarmee begint verzet

en dan die vraag aan een ander stellen

Sta daar even bij stil. En ga dan verder.

Ella